Het geschil: artikel 75 van het Schengenuitvoeringsovereenkomst
Het kernpunt is een regel die op papier duidelijk lijkt. Artikel 75 van het Schengenuitvoeringsovereenkomst staat reizigers toe om voorgeschreven geneesmiddelen over Schengenbinnengrenzen mee te nemen. Voorwaarde is een officiële verklaring van de nationale gezondheidsbeheerder van het land van herkomst. Voor mensen die in Duitsland of Tsjechië wettelijk cannabisbloemen voorgeschreven krijgen, zou dit ook een reis naar Oostenrijk mogelijk moeten maken.
📑 Inhaltsverzeichnis
In de praktijk werkt dat niet. Oostenrijk erkent de Schengenverklaringen voor medische cannabis volgens ARGE CANNA niet als rechtsgeldig document. Getroffen patiënten berichten over inbeslaggenomen medicijnen en ingeleidde strafzaken, ondanks geldige papieren. Hoe precair de situatie voor patiënten daar is, laat zich ook zien aan de grenzen. Oostenrijk is inmiddels een verbodseiland tussen Duitsland en Tsjechië.
Wat Parlement en Commissie hebben geantwoord
De petitie met dossiernummer 0491/2026 werd op 16 februari 2026 bij het Europees Parlement ingediend. De petitiecommissie verklaarde deze ontvankelijk en stuurde het dossier ter informatie door aan de commissie Burgerlijke Vrijheden, Justitie en Binnenlandse Zaken en de commissie Volksgezondheid. Dat was de overwinning in eerste instantie. Het inhoudelijke antwoord was teleurstellend. Het Parlement verwees naar de bevoegdheid van de lidstaten. Een geharmoniseerd regelkader voor medische cannabis bestaat in de EU niet, en omdat Oostenrijk cannabisbloemen nationaal verbiedt, ziet men geen mogelijkheid tot ingrijpen.
Parallel liep de klacht bij de EU-Commissie onder nummer CPLT(2026)01016, ook ingediend op 16 februari 2026. Het doel was een inbreukprocedure tegen Oostenrijk. De Commissie weigerde. De reden: de Schengenbepalingen schrijven geen specifieke medicijnlijst voor. Een certificaat bewijst alleen de medische voorschrijving in het land van herkomst, maar legaliseert bezit niet automatisch in een lidstaat die cannabis niet voor medische doeleinden heeft goedgekeurd.
Het gat dat dit antwoord blootlegt
De Commissie heeft daarmee een vraag beantwoord die tot nu toe graag open werd gelaten. De Schengenverklaring is geen Europees paspoort voor medische cannabis. Deze documenteert alleen dat een voorschrift bestaat. Of het bezit in het bestemmingsland straffeloos blijft, bepaalt uitsluitend nationaal recht. Wie met bloemen van Duitsland naar Oostenrijk rijdt, beweegt zich dus nog steeds in risico, ongeacht hoe volledig de papieren zijn. Dit sluit aan bij wat we in onze gids over reizen met medische cannabis hebben beschreven.
Voor het Europese debat is dit een opmerkelijke bevinding. De interne markt kent voor geneesmiddelen vergaande vrijheden, maar voor een hele groep werkzame stoffen eindigt het vrije verkeer aan de landsgrens. Vergelijkbare conflicten tussen nationaal drugrecht en unierecht zijn niet nieuw. Al de vraag van herclassificering van cannabis in de VN en de procedure van Hongarije voor het Europees Hof van Justitie toonde hoe klein de hefboom van Europese instellingen hier is. Ook in Oostenrijk zelf blijft de rechtssituatie tegenstrijdig, zoals blijkt uit de regels voor CBD-bloemen in Oostenrijk.
Strategiewissel: terug naar de nationale rechtbank
De Commissie gaf ARGE CANNA een aanwijzing mee: de rechtsweg loopt via de nationale rechtbanken. Precies daar zet de organisatie nu in. Ze steunt de zaak van mevr. Helena D., een patiënt met multiple sclerose, die voor het recht op eigen teelt van cannabisbloemen vecht. We hebben al eerder over haar zaak bericht toen de Wienerin haar klacht indiende.
Het Duitse voorbeeld is leidend. In Duitsland hebben patiënten eigen teelt voor de bestuursrechter in Keulen afdwongen, lang voordat de wetgever reageerde. Zo’n precedentgeval in Oostenrijk zou signaalwerking hebben, omdat het de evenredigheid van het nationale bloemverbod rechtstreeks ter toetsing stelt. De weg via Brussel is dus niet permanent afgesneden. Hij loopt alleen, zoals zo vaak in unierecht, via een nationale procedure en een mogelijke voorlegging aan het Europees Hof van Justitie. Dat deskundigen de huidige omgang met cannabis onaanvaardbaar vinden, is overigens geen nieuw gegeven.
Veel gestelde vragen
Wat regelt artikel 75 van het Schengenuitvoeringsovereenkomst?
De bepaling staat reizigers toe ärztlich voorgeschreven geneesmiddelen voor persoonlijk gebruik over Schengenbinnengrenzen mee te nemen. Nodig is een verklaring, beglaubigd door de bevoegde autoriteit van de verblijfplaatsstaat. Deze geldt meestal voor maximaal 30 dagen.
Kan ik met een Duits cannabisrecept naar Oostenrijk reizen?
Voor gedroogde bloemen is daarvan af te raden. Naar mededeling van de EU-Commissie legaliseert de Schengenverklaring bezit in het bestemmingsland niet als dit de geneesmiddelenvorm niet heeft goedgekeurd. Oostenrijk blijft cannabisbloemen verbieden. Wie zeker wil zijn, stelt de meeneming vooraf vast met de Oostenrijkse vertegenwoordiging.
Waarom heeft de EU-Commissie geen inbreukprocedure ingeleidt?
Omdat zij in de Oostenrijkse praktijk geen schending van unierecht ziet. Het Schengenregelwerk schrijft geen bepaalde geneesmiddelen voor, betoogt de Commissie. Het besluit over welke geneesmiddelvormen zijn toegestaan, is aan de lidstaten.
Wat betekent de strategiewissel van ARGE CANNA concreet?
De organisatie verplaatst haar middelen van de Europese procedures naar een nationale modelzaak. Ze steunt de vordering van een Weense MS-patiënte voor legale eigen teelt. Het doel is een precedent dat de Oostenrijkse verbodspraktijk gerechtelijk toetsbaar maakt.
Is er een uniform Europees kader voor medische cannabis?
Nee. Het Europees Parlement heeft in zijn antwoord uitdrukkelijk gesteld dat er geen geharmoniseerd regelkader bestaat. Goedkeuring, voorschrijving en vergoeding regelen de lidstaten elk afzonderlijk. Dit leidt tot aanzienlijke verschillen binnen de interne markt.
Bronnen: ARGE CANNA, Transparancieverslag „Onze strijd op EU-niveau“ van 19 juli 2026; Petitie aan het Europees Parlement, ref. 0491/2026; Klacht bij de Europese Commissie, ref. CPLT(2026)01016; Overeenkomst ter uitvoering van het Schengenovereenkomst, artikel 75.




































