De Italiaanse hennepsector moet langer op duidelijkheid wachten. Het Grondwettelijk Hof in Rome heeft de behandeling van het verbod op hennepbloemen van 21 oktober 2026 uitgesteld naar 9 februari 2027. De reden is procedureel: de rechters willen drie prejudiciële verwijzingen uit Brindisi, Trani en Brescia gezamenlijk beslissen.
📑 Inhaltsverzeichnis
Verbod op hennepbloemen in Italië: wat het Grondwettelijk Hof heeft uitgesteld
Onderwerp van de procedure is artikel 18 van wetsdecreet 48/2025, dat bekend werd als veiligheidsdecreet en met wet 80/2025 blijvend in werking bleef. De bepaling verbiedt sinds 2025 de invoer, verwerking, het bezit, de distributie en de verkoop van hennepbloemen. Ook extracten, harsen en oliën uit de bloemen vallen eronder. Het verbod geldt uitdrukkelijk ongeacht of het product er überhaupt een bedwelmende werking van kan hebben.
Volgens de brancheorganisatie Canapa Sativa Italia heeft het Hof de verdedigers schriftelijk over het nieuwe tijdschema geïnformeerd. Op 25 januari 2027 beraadslaagt de kamer eerst over welke derden aan de procedure mogen deelnemen. De inhoudelijke behandeling volgt op 9 februari 2027. De termijn voor toetreding tot de meest recente procedure uit Brescia blijft hierdoor onaangetast. Die liep volgens de juristen van de organisatie af op 6 oktober 2026.
Drie rechtbanken twijfelen aan artikel 18 van het veiligheidsdecreet
De eerste stap werd gezet door een onderzoeksrechter in Brindisi. Daar had de financiële politie eind 2024 twee vrachtwagens met gecertificeerde hennep uit Bulgarije in beslag genomen, en het openbaar ministerie wilde de lading later laten vernietigen. De rechter schorste de procedure en legde de bepaling voor aan het Grondwettelijk Hof. De rechtbank in Trani volgde, in juli 2026 sloot Brescia zich aan. Het verwijzingsbesluit van laatstgenoemde werd op 16 september in het publicatieblad bekendgemaakt.
De bezwaren lijken op elkaar. De rechtbanken betwijfelen of er voor een spoeddecreet überhaupt de vereiste urgentie bestond. Daarnaast wijzen ze op een schending van het offensiviteitsbeginsel, volgens hetwelk een straf een daadwerkelijk schadelijk gedrag veronderstelt. Daar komen de evenredigheid, de ondernemersvrijheid en de verhouding tot het Europese recht bij. Daarmee staat niet slechts een detail ter toetsing, maar de constructie van het verbod als geheel.
Wat het uitstel betekent voor handelaren en producenten
Voor de bedrijven verandert er in de rechtstoestand voorlopig niets. Artikel 18 blijft gelden, controles en inbeslagnames blijven mogelijk. Verbandsvoorzitter Mattia Cusani benadrukt desondanks dat bedrijven hun rechten kunnen blijven uitoefenen zolang de bepaling niet is bevestigd. Deze lezing steunt op de strafrechtbanken. Zoals we in augustus meldden, heeft het Italiaanse Hof van Cassatie de inbeslagname van hennepbloemen beperkt en eist het in het individuele geval het bewijs van een bedwelmende werking.
Sindsdien hebben rechtbanken onder meer in Latina, Velletri, Vicenza, Imperia en Ascoli Piceno de teruggave van in beslag genomen waren bevolen. Een eenvoudige sneltest was voor hen als bewijs niet voldoende als er facturen, analyses en herkomstbewijzen waren. Naar onze mening verlengt het uitstel daarom vooral een zwevende toestand. Het verbod strandt in individuele gevallen regelmatig, maar blijft als dreiging bestaan. Plannen kan geen enkel bedrijf zo, en bijna vier extra maanden is voor een bederfelijk landbouwproduct een lange tijd.
Parallel toetst het Europese Hof van Justitie
Rome is niet het enige strijdtoneel. De Italiaanse Raad van State heeft het Europese Hof van Justitie in zaak C-716/25 de vraag voorgelegd of een nationaal bloemenverbod verenigbaar is met het vrije verkeer van goederen voor industriële hennep. Verdere verwijzingen van de Raad van State betreffen natuurlijke CBD voor orale toepassing. Een antwoord uit Luxemburg zou ook buiten Italië doorwerken. Ook voor Oostenrijk is het relevant, waar de EU het bloemenverbod tot nu toe niet als rechtsbreuk beschouwt.
De zaak past in een Europese ontwikkeling waarin nationale rechtbanken de indeling van vezelhennep steeds vaker zelf ter discussie stellen. In Ierland bijvoorbeeld onderzoekt het High Court of vezelhennep een verdovend middel mag blijven. Tegelijk toont Athene de tegenovergestelde richting, want Griekenland beperkt de CBD-markt juist verder. Zolang Luxemburg niet beslist, blijft de interne markt voor hennepbloemen een lappendeken.
Veelgestelde vragen
Zijn hennepbloemen in Italië momenteel verboden?
Ja. Artikel 18 van het veiligheidsdecreet verbiedt sinds 2025 de handel in hennepbloemen en daaruit verkregen producten. Het uitstel zet het verbod niet buiten werking. Strafgerechten eisen voor inbeslagnames echter wel het bewijs dat de waar een bedwelmend effect kan hebben.
Wanneer beslist het Italiaanse Constitutionele Hof over het verbod op hennepbloemen?
De behandeling ten gronde is vastgesteld op 9 februari 2027. Op 25 januari 2027 beraadslaagt het Hof vooraf over de toelating van procesdeelnemers. Een uitspraak wordt gewoonlijk pas enkele weken na de zitting gepubliceerd.
Waarom is de datum verschoven?
Het Hof wil drie prejudiciële verwijzingen gezamenlijk behandelen. Bij de zaken uit Brindisi en Trani kwam in juli 2026 nog een verwijzing van de rechtbank in Brescia bij. Uit het uitstel valt geen inhoudelijke tendens af te leiden.
Welke rol speelt het Europese Hof van Justitie?
Het Europese Hof van Justitie onderzoekt in zaak C-716/25 of het Italiaanse verbod het vrije verkeer van goederen voor industriële hennep schendt. Zijn antwoord is bindend voor de Italiaanse gerechten. Het zou bovendien een signaalwerking hebben voor andere lidstaten met verboden op bloemen.
Bronnen: Canapa Sativa Italia (mededeling over het uitstel), Spazio Canapa, Soft Secrets Italia, Newsweed, Gazzetta Ufficiale (verwijzingsbeslissing van het Tribunale di Brescia, Registro ordinanze 135/2026), Corte di Cassazione, arrest 25539/2026.




































