Artikel 41 verbiedt de winkelhandel in hanfbloemen
Centraal in het geschil staat artikel 41 van een nieuw wetgevingspakket dat de regering van Athene op 5 mei 2026 formeel in het parlement heeft ingediend. De raadplegingsfase was daarvoor op 27 april 2026 afgelopen. Voorzien is een volledig verkoopverbod voor gedroogde hanfbloemen aan eindgebruikers, onafhankelijk van het THC-gehalte van de plant. Import en groothandelsverwering voor de industrie zouden verder zijn toegestaan.
📑 Inhaltsverzeichnis
De aangekondige sancties zijn drastisch. Overtredingen van het geplande verbod zouden worden bestraft met boetes tot 100.000 euro en gevangenisstraffen tot vijf jaar. Griekenland zou daarmee een van de strengste CBD-regelingen van Europa invoeren, hoewel zuiver CBD-gebruik volgens EU-rechtelijke beoordeling geen drugsgebruik is en de producten onder de THC-grenswaarden van de hanfverordening worden geproduceerd.
Adviesinstantie OKE waarschuwt voor EU-conflict
De ongewone strengheid van het voornemen heeft de Griekse OKE in beweging gezet. Het Economisch en Sociaal Comité is het wettelijke adviesorgaan van de regering in sociaal- en economisch-politieke aangelegenheden en heeft in een stellingname duidelijk stelling genomen. De geplande regeling zou in tegenspraak zijn met de Europese trend waarvolgens CBD-bloemen onder bepaalde voorwaarden zijn toegestaan, en zou economische activiteit op onevenredige wijze beperken.
De stellingname verwijst expliciet naar het Kanavape-arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie uit 2020. Daarin had het Hof vastgesteld dat CBD niet als verslavingsstof moet worden ingedeeld en dat nationale volledige verboden die het vrije warenverkeer in de EU beperken slechts onder strikte voorwaarden zijn toegestaan. Italië had soortgelijke argumenten reeds met succes ingeroepen tegen een eigen verbod op CBD-bloemen. Pas in de afgelopen maanden hebben rechtbanken de Italiaanse regeling gedeeltelijk verzwakt.
Honderden detaillisten in Griekenland getroffen
De Griekse CBD-detailhandel is de afgelopen jaren sterk gegroeid. Schattingen uit de branche gaan uit van meerdere honderden winkels en meerdere duizenden werknemers, plus online winkels en toeristische aanbiedingen. Een verkoopverbod op gedroogde bloemen zou een aanzienlijk deel van deze bedrijvigheid ontnemen, omdat bloemproducten in de praktijk het best verkopende CBD-segment zijn. Oliën, capsules en cosmetica zouden verder kunnen worden aangeboden, maar vallen qua omzet aanzienlijk kleiner uit.
Daarbij komt het effect op andere EU-producenten. Wie in een ander lidstaat wettelijk hanfbloemen produceert en volgens EU-GMP- of EU-hanfsoorten-standaarden in het verkeer brengt, zou in Griekenland abrupt markttoegang verliezen. Vanuit het perspectief van industriebonden is dit een directe ingreep in de binnenmarkt. We hebben in het verleden over soortgelijke stresstests gerapporteerd, bijvoorbeeld toen Oostenrijk een overgangsregeling voor CBD-bloemen tot 2028 invoerde of toen Italië zijn cannabiswet in de schaduw van de EU-rechtspraak opnieuw ordeneerde.
Synthetische cannabinoïden blijven het werkelijke probleem
Opvallend is dat het Griekse ontwerp niet onderscheid maakt tussen natuurlijke, EU-rechtelijk gedekte CBD-bloemen en synthetisch vervaardigde cannabinoïden zoals HHC, HHCPO of THCP. Juist deze halfsyntetische producten zijn de afgelopen jaren in meerdere EU-landen zonder goedkeuring op de markt gespoten en vormen de werkelijke regelgevingsuitdaging. We hebben uitvoerig beschreven hoe de afzonderlijke HHC-derivaten verschillen en welke risico’s fabrikanten daarmee uitbesteden.
Een pauschalverbod op hanfbloemen verschuift het probleem zonder het op te lossen. Synthetische cannabinoïden worden in de regel niet als gedroogde bloemen verkocht, maar als vloeistof, eetswaar of met cannabinoïden bespoten plantmateriaal. Wie de grijze markt wil reguleren, moet deze productklassen rechtstreeks aanpakken, bijvoorbeeld via goedkeuringsprocedures, zuiveringsnormen en advertentiebeperkingen. Ook daarvan hebben we in de rapportage over het Oostenrijkse HHC-verbod de argumentatielijnen gedocumenteerd.
Wat het verbod voor de Duitse CBD-markt betekent
Direct valt de Griekse markt voor Duitse fabrikanten qua absolute grootte niet sterk in het gewicht. Indirect echter stuurt het voornemen een signaal uit dat beleggers en compliance-afdelingen registreren. Als een EU-lidstaat ondanks negatief advies van zijn eigen adviesorgaan een nationaal volledig verbod invoert, groeien de onzekerheden voor toeleveringsketens die op de binnenmarkt inzetten. Voor fabrikanten in het DACH-gebied stelt zich steeds vaker de vraag met welke productportfolio’s zij op dynamische regelgeving in Zuid-Europa reageren.
Aan de andere kant laat de procedure zien hoe belangrijk het EU-rechtelijk kader voor de hanfmarkt is. Mocht het Griekse verbod in Brussel of voor Europese rechtbanken onhoudbaar blijken, dan zouden marktpartijen op middellange termijn winnen, omdat de contouren van een geharmoniseerd CBD-recht scherper worden. Tot die tijd blijft de situatie voor Griekse detaillisten en hun EU-brede leveranciers gespannen.
Veelgestelde vragen
Wat voorziet het Griekse wetsontwerp concreet?
Artikel 41 van het ontwerp verbiedt de winkelhandel in gedroogde hanfbloemen, ook onder de THC-grens van 0,3 procent. Voorzien zijn boetes tot 100.000 euro en gevangenisstraffen tot vijf jaar. Import en groothandel voor industriële verwerking blijven toegestaan.
Waarom waarschuwt de OKE voor een EU-conflict?
Het Griekse regeringsadvisorgaan OKE beschouwt het volledige verbod als onevenredig en niet verenigbaar met de Europese trend. Het verwijst naar de rechtspraak van het Hof van Justitie, dat CBD niet als verslavingsstof indeelt en nationale verboden slechts onder strikte voorwaarden toestaat.
Welke rol speelt het Kanavape-arrest?
In de Kanavape-zaak besloot het Hof van Justitie in 2020 dat CBD niet als verslavingsstof moet worden behandeld en dat de handel in CBD-producten onder de bescherming van het vrije warenverkeer valt. Op deze argumentatielijn steunen industriebonden zich ook in Griekenland wanneer zij het geplande verbod voor strijdig met het unierecht beschouwen.
Worden synthetische cannabinoïden door het verbod getroffen?
Het ontwerp richt zich vooral op natuurlijke hanfbloemen en maakt geen duidelijk onderscheid ten opzichte van synthetische cannabinoïden zoals HHC of HHCPO. Deze halfsyntetische producten worden in de regel niet als gedroogde bloemen verhandeld, zodat het pauschalverbod het werkelijke regelgevingsprobleem slechts indirect raakt.
Welke gevolgen heeft het geschil voor de Duitse CBD-markt?
Direct is Griekenland geen grote afzetmarkt voor Duitse CBD-fabrikanten. Indirect verhoogt het voornemen echter de onzekerheid over de houdbaarheid van de EU-binnenmarkt voor hanfproducten. Voor fabrikanten, importeurs en beleggers is de ontwikkeling nog een argument om compliancestrategieën EU-wijd in plaats van nationaal na te denken.
Sollte Griechenland den Verkauf von CBD-Blüten verbieten dürfen?
Bronnen: Business of Cannabis van 8 mei 2026; Stellingname Griekse OKE over artikel 41; Achtergrond HvJ-arrest C-663/18 (Kanavape).









































