Advertentie. Dit artikel ontstond in betaalde samenwerking met Smitzbilla.
📑 Inhaltsverzeichnis
- Schmitz Billa
- De plant, al vijfentwintig jaar
- De blik van de laktechnicus
- Waar hij ophoudt met adverteren
- Ontwerp eerst, materiaal erachter
- Elk stuk gaat door zijn handen
- Wat er volgt
- Schmitz Billa
- De plant, al vijfentwintig jaar
- De blik van de laktechnicus
- Waar hij ophoudt met adverteren
- Ontwerp eerst, materiaal erachter
- Elk stuk gaat door zijn handen
- Wat er volgt
- 💬 Fragen? Frag den Hanf-Buddy!
Op een van de logo’s blaast een meisje pollen van een hennepbloem in de wind. Wie het verhaal erachter kent, ziet daarin geen marketing, maar een grafsteen. Hoe van de bijnaam van een Kölnse naaister een streetwear-label werd dat hennep draagt zonder ecologisch over te komen.
Schmitz Billa
Marc Bonks moeder werd in Keulen-Lindenthal geboren met de meisjesnaam Schmitz. In de familie en vriendenkring heette ze daarom „Schmitz Billa“. Ze was gelernd naaister, textiel vergezelde haar hele leven lang, en ze runde enige tijd vanuit huis een persoonlijke strijkservice.
Haar zoon tekende vanaf dat hij een pen kon vasthouden, later kwam graffiti erbij. Daaruit ontstond een idee dat hen jaren begeleidde: een kleine winkel waar hij moderne kleding ontwerpt die zij verkocht. Het kwam er nooit van.
Ze hield van paardebloemen, vooral van het beeld van de zaden die de wind meeneemt. Deze vergelijking bracht ze steeds weer in situaties uit het leven. Toen ze stierf, ontwierp haar zoon voor de grafsteen een afbeelding van haar die aan een paardebloem blaast.
„Een van de huidige Smitzbilla-logo’s is daarop gebaseerd en herinnert aan haar. Op dat logo blaast een meisje echter geen paardebloemzaden, maar mannelijke henneppollen in de wind. Dus zit mijn moeder vandaag niet alleen in de naam, maar ook in het verhaal en ontwerp van het merk.“
Marc Bonk

De plant, al vijfentwintig jaar
Hennep begeleidt Bonk al meer dan 25 jaar, en niet alleen als textielvezel. Wat hem interesseert, is de breedte van de verwerking: vezels, scheven, zaden, bladeren en bloemen hebben elk hun eigen toepassingsgebieden. Deze verscheidenheid is bij landbouwgewassen zeldzaam.
Voor kleding telt de vezel. Deze is robuust en duurzaam, en daarvan kunnen tegenwoordig stoffen worden gemaakt die niets meer met het oude beeld te maken hebben. Hoe hennep en katoen als grondstoffen verschillen, hebben we in onze vergelijking van beide natuurlijke vezels uitgewerkt. Precies dit beeld blijft hardnekkig hangen: kriebelend, grof, biowinkel.
„Als je vandaag een moderne, hoogwaardige hennepstof in je handen hebt, merk je snel dat dit beeld allang voorbij is.“
Marc Bonk
Bonk noemt ook antimicrobiële eigenschappen van de hennepvezel, waardoor de vorming van onprettige geuren kan worden verminderd. Deze eigenschap wordt in de branche vaak genoemd; betrouwbare onderzoeken specifiek voor verwerkte en meermaals gewassen textielvezelshttps://www.hanf-magazin.com/ zijn echter schaars. Opmerkelijk is dat Bonk zelf voorzichtig formuleert en van mogelijke verlaging spreekt, niet van een gegarandeerd effect.
De blik van de laktechnicus
Bonk is gelernd laktechnicus en werkt aan duurzame kunst- en composietmaterialen, waarin natuurlijke vezels als versterkingsmateriaal dienen. Hij beschouwt hennep daarom niet alleen als modemiddel, maar als materiaal. Dit verklaart waarom stoffgewichten, mengverhoudingen en verwerkingsmethoden voor hem een groter rol spelen dan bij menig label dat met dezelfde grondstof adverteert.
Concreet betekent dit: het lichtere T-shirt bestaat uit 55 procent hennep en 45 procent biologische katoen bij 190 gram per vierkante meter, de zwaardere variant uit dezelfde mengeling bij 230 gram. De hoodies combineren 80 procent biologische katoen met 20 procent hennep bij 350 gram, de caps bestaan uit zuivere hennep.
Waar hij ophoudt met adverteren
Interessanter dan wat Bonk over duurzaamheid zegt, is wat hij niet zegt. Hennep groeit snel, levert veel biomassa op en komt bij de teelt relatief goed uit met weinig gewasbescherming, door dicht groeien onderdrukt het onkruid. Daarna volgt de zin die je in deze branche zelden leest:
„Tegelijkertijd wil ik hennep niet zonder voorbehoud als wonderplant vermarkten. Ook hier spelen teelt, verwerking, transport en de fabricage van het eindproduct een rol.“
Marc Bonk
Bij waterverbruik verzaakt hij bewust op getallen, omdat het werkelijke verbruik afhangt van de teeltregio, bewatering en verwerking. Dit is een opmerkelijke terughoudendheid: vooral de sprekende literaangaven voor de vergelijking van hennep en katoen circuleren al jaren, meestal zonder aan te geven waarop ze zich baseren.
Één punt noemt hij dat aantoonbaar is: natuurlijke vezels geven bij het wassen geen persistent microplastiek af. Dat synthetische textiel bij het wassen aanzienlijke hoeveelheden microvezels afgeeft, is goed gedocumenteerd, bijvoorbeeld in het onderzoek van Napper en Thompson in het Marine Pollution Bulletin (DOI: 10.1016/j.marpolbul.2016.09.025).
Zijn sterkste argument is echter anders en komt zonder ecobilansgegeven uit: een kledingstuk dat langer meegaat, moet minder vaak vervangen worden. Duurzaamheid is het deel van duurzaamheid dat niet weg te discussiëren is, en het hangt ook af van hoe een kledingstuk wordt behandeld. Wat hennefstoffen nodig hebben bij het wassen en drogen, staat in onze zorgvuldigegids.
Ontwerp eerst, materiaal erachter
Graffiti, muziek en streetwear hebben Bonk een groot deel van zijn leven begeleid, en hij ziet geen tegenspraak tussen subcultuur en duurzame materialen. Duurzaamheid mag geen eigen stijl zijn die alleen een bepaalde doelgroep aanspreekt.
„In het beste geval koopt iemand een Smitzbilla-shirt eerst omdat hem het ontwerp bevalt en het lekker aanvoelt, en stelt vervolgens vast dat achter het kledingstuk bovendien een doordacht materialenconcept zit.“
Marc Bonk
De motieven ontstaan zelden spontaan. Een idee ligt vaak weken of maanden in zijn hoofd, ontwikkelt zich verder, verliest details en wint nieuwe, tot een punt wordt bereikt waarop het af lijkt. Tot dan toe, zegt hij, kan hij zich met een idee nog best lang pijnigen. Buitendruk werkt echter opvallend goed: een beurs met een vaste datum laat geen tijd om een motief nog maandenlang mee te torsen.
Er is daarom geen vaste ontwerpstijl bij Smitzbilla. Het scala loopt van graffiti en streetart via muziek en popcultuur tot klassieke kunst, en dat is zo bedoeld.

Elk stuk gaat door zijn handen
Ontwikkeling gebeurt in Duitsland, productie met partners in Europa en Azië, afwerking en kwaliteitscontrole vinden weer in Duitsland plaats. De hoofdleverancier is volgens het label GOTS- en Fairtrade-gecertificeerd, voor de kleuren wordt op OEKO-TEX-standaarden gelet. Een eigen certificering voor Smitzbilla is in voorbereiding.
Een woord over de classificatie van deze zegels: GOTS omvat ecologische en sociale criteria langs de textielketen, Fairtrade richt zich op handelsvoorwaarden en prijzen, OEKO-TEX controleert textiel op schadelijke stoffen. De drie controleren dus verschillende dingen, en geen ervan dekt automatisch de andere af. Dat een label ze afzonderlijk noemt in plaats van pauschal „gecertificeerd“ te schrijven, is een goed teken.
Voor de serie controleert Bonk stoffen en monsters zelf: materiaal, stoffgewicht, verwerking, naden, maten, pasvorm, draagcomfort. Na de productie komt de goederen bij hem terug.
„Op dit moment gaat werkelijk elk afzonderlijk stuk nog een keer door mijn handen, van controle op druk of borduurwerk tot het verpakken van de bestelling. Als een stuk niet aan mijn eisen voldoet, wordt het uit de rij genomen.“
Marc Bonk
Ook hier blijft hij bij wat hij kan bewijzen. Als klein label kan hij niet elke stap van een internationale toeleveringsketen persoonlijk controleren, daarom zet hij op gecertificeerde partners en werkt hij eraan transparantie en certificering verder uit te breiden. Deze eerlijkheid is in een branche waarin graag van volledige traceerbaarheid wordt gesproken, geen vanzelfsprekendheid.
Wat er volgt
Geplant zijn trainingsbroeken en ondergoed, twee productgroepen waarin de materiëleigenschappen van hennep bijzonder goed tot hun recht komen. Sinds kort staat er een industriële borduurmachine in huis, de eerste tests lopen; hiermee kunnen afwerkingen ook in kleine aantallen direct ter plekke worden gerealiseerd.
Een groeiend segment is het bedrijfsleven. Smitzbilla werkt al samen met Cannabis Social Clubs, vakwinkels en andere bedrijven en levert textiel met individuele afwerking. Bonks argument ervoor ligt voor de hand: wie in de cannabis- en hennepsector toch merchandise voor leden of klanten laat produceren, kan ook kiezen voor hennepoextiel.
Beurzen en direct contact blijven voor hem belangrijk, om een praktische reden: met henneoptextiel maakt het veel uit om de stof eens aan te raken. Velen hebben simpel een ander materiaal in hun hoofd.
Het label is te vinden in de eigen webshop op smitzbilla.de en op Instagram onder @smitzbilla, waar Bonk ook de ontwikkeling laat zien, inclusief de dingen die onderweg niet werken. Meer merken met een soortgelijke benadering hebben we in ons overzicht van duurzame hennepkleding-labels verzameld.
Opmerking: Gegevens over materiaalsamenstelling, certificeringen en productiestappen zijn afkomstig van het label en zijn door ons niet ter plaatse geverifieerd. Uitspraken over milieueigenschappen van vezels hebben betrekking op algemene eigenschappen van de grondstof, niet op een ecobilansmeting van afzonderlijke producten.
Advertentie. Dit artikel ontstond in betaalde samenwerking met Smitzbilla.
Op een van de logo’s blaast een meisje pollen van een hennepbloem in de wind. Wie het verhaal erachter kent, ziet daarin geen marketing, maar een grafsteen. Hoe van de bijnaam van een Kölnse naaister een streetwear-label werd dat hennep draagt zonder ecologisch over te komen.
Schmitz Billa
Marc Bonks moeder werd in Keulen-Lindenthal geboren met de meisjesnaam Schmitz. In de familie en vriendenkring heette ze daarom „Schmitz Billa“. Ze was gelernd naaister, textiel vergezelde haar hele leven lang, en ze runde enige tijd vanuit huis een persoonlijke strijkservice.
Haar zoon tekende vanaf dat hij een pen kon vasthouden, later kwam graffiti erbij. Daaruit ontstond een idee dat hen jaren begeleidde: een kleine winkel waar hij moderne kleding ontwerpt die zij verkocht. Het kwam er nooit van.
Ze hield van paardebloemen, vooral van het beeld van de zaden die de wind meeneemt. Deze vergelijking bracht ze steeds weer in situaties uit het leven. Toen ze stierf, ontwierp haar zoon voor de grafsteen een afbeelding van haar die aan een paardebloem blaast.
„Een van de huidige Smitzbilla-logo’s is daarop gebaseerd en herinnert aan haar. Op dat logo blaast een meisje echter geen paardebloemzaden, maar mannelijke henneppollen in de wind. Dus zit mijn moeder vandaag niet alleen in de naam, maar ook in het verhaal en ontwerp van het merk.“
Marc Bonk

De plant, al vijfentwintig jaar
Hennep begeleidt Bonk al meer dan 25 jaar, en niet alleen als textielvezel. Wat hem interesseert, is de breedte van de verwerking: vezels, scheven, zaden, bladeren en bloemen hebben elk hun eigen toepassingsgebieden. Deze verscheidenheid is bij landbouwgewassen zeldzaam.
Voor kleding telt de vezel. Deze is robuust en duurzaam, en daarvan kunnen tegenwoordig stoffen worden gemaakt die niets meer met het oude beeld te maken hebben. Hoe hennep en katoen als grondstoffen verschillen, hebben we in onze vergelijking van beide natuurlijke vezels uitgewerkt. Precies dit beeld blijft hardnekkig hangen: kriebelend, grof, biowinkel.
„Als je vandaag een moderne, hoogwaardige hennepstof in je handen hebt, merk je snel dat dit beeld allang voorbij is.“
Marc Bonk
Bonk noemt ook antimicrobiële eigenschappen van de hennepvezel, waardoor de vorming van onprettige geuren kan worden verminderd. Deze eigenschap wordt in de branche vaak genoemd; betrouwbare onderzoeken specifiek voor verwerkte en meermaals gewassen textielvezelshttps://www.hanf-magazin.com/ zijn echter schaars. Opmerkelijk is dat Bonk zelf voorzichtig formuleert en van mogelijke verlaging spreekt, niet van een gegarandeerd effect.
De blik van de laktechnicus
Bonk is gelernd laktechnicus en werkt aan duurzame kunst- en composietmaterialen, waarin natuurlijke vezels als versterkingsmateriaal dienen. Hij beschouwt hennep daarom niet alleen als modemiddel, maar als materiaal. Dit verklaart waarom stoffgewichten, mengverhoudingen en verwerkingsmethoden voor hem een groter rol spelen dan bij menig label dat met dezelfde grondstof adverteert.
Concreet betekent dit: het lichtere T-shirt bestaat uit 55 procent hennep en 45 procent biologische katoen bij 190 gram per vierkante meter, de zwaardere variant uit dezelfde mengeling bij 230 gram. De hoodies combineren 80 procent biologische katoen met 20 procent hennep bij 350 gram, de caps bestaan uit zuivere hennep.
Waar hij ophoudt met adverteren
Interessanter dan wat Bonk over duurzaamheid zegt, is wat hij niet zegt. Hennep groeit snel, levert veel biomassa op en komt bij de teelt relatief goed uit met weinig gewasbescherming, door dicht groeien onderdrukt het onkruid. Daarna volgt de zin die je in deze branche zelden leest:
„Tegelijkertijd wil ik hennep niet zonder voorbehoud als wonderplant vermarkten. Ook hier spelen teelt, verwerking, transport en de fabricage van het eindproduct een rol.“
Marc Bonk
Bij waterverbruik verzaakt hij bewust op getallen, omdat het werkelijke verbruik afhangt van de teeltregio, bewatering en verwerking. Dit is een opmerkelijke terughoudendheid: vooral de sprekende literaangaven voor de vergelijking van hennep en katoen circuleren al jaren, meestal zonder aan te geven waarop ze zich baseren.
Één punt noemt hij dat aantoonbaar is: natuurlijke vezels geven bij het wassen geen persistent microplastiek af. Dat synthetische textiel bij het wassen aanzienlijke hoeveelheden microvezels afgeeft, is goed gedocumenteerd, bijvoorbeeld in het onderzoek van Napper en Thompson in het Marine Pollution Bulletin (DOI: 10.1016/j.marpolbul.2016.09.025).
Zijn sterkste argument is echter anders en komt zonder ecobilansgegeven uit: een kledingstuk dat langer meegaat, moet minder vaak vervangen worden. Duurzaamheid is het deel van duurzaamheid dat niet weg te discussiëren is, en het hangt ook af van hoe een kledingstuk wordt behandeld. Wat hennefstoffen nodig hebben bij het wassen en drogen, staat in onze zorgvuldigegids.
Ontwerp eerst, materiaal erachter
Graffiti, muziek en streetwear hebben Bonk een groot deel van zijn leven begeleid, en hij ziet geen tegenspraak tussen subcultuur en duurzame materialen. Duurzaamheid mag geen eigen stijl zijn die alleen een bepaalde doelgroep aanspreekt.
„In het beste geval koopt iemand een Smitzbilla-shirt eerst omdat hem het ontwerp bevalt en het lekker aanvoelt, en stelt vervolgens vast dat achter het kledingstuk bovendien een doordacht materialenconcept zit.“
Marc Bonk
De motieven ontstaan zelden spontaan. Een idee ligt vaak weken of maanden in zijn hoofd, ontwikkelt zich verder, verliest details en wint nieuwe, tot een punt wordt bereikt waarop het af lijkt. Tot dan toe, zegt hij, kan hij zich met een idee nog best lang pijnigen. Buitendruk werkt echter opvallend goed: een beurs met een vaste datum laat geen tijd om een motief nog maandenlang mee te torsen.
Er is daarom geen vaste ontwerpstijl bij Smitzbilla. Het scala loopt van graffiti en streetart via muziek en popcultuur tot klassieke kunst, en dat is zo bedoeld.

Elk stuk gaat door zijn handen
Ontwikkeling gebeurt in Duitsland, productie met partners in Europa en Azië, afwerking en kwaliteitscontrole vinden weer in Duitsland plaats. De hoofdleverancier is volgens het label GOTS- en Fairtrade-gecertificeerd, voor de kleuren wordt op OEKO-TEX-standaarden gelet. Een eigen certificering voor Smitzbilla is in voorbereiding.
Een woord over de classificatie van deze zegels: GOTS omvat ecologische en sociale criteria langs de textielketen, Fairtrade richt zich op handelsvoorwaarden en prijzen, OEKO-TEX controleert textiel op schadelijke stoffen. De drie controleren dus verschillende dingen, en geen ervan dekt automatisch de andere af. Dat een label ze afzonderlijk noemt in plaats van pauschal „gecertificeerd“ te schrijven, is een goed teken.
Voor de serie controleert Bonk stoffen en monsters zelf: materiaal, stoffgewicht, verwerking, naden, maten, pasvorm, draagcomfort. Na de productie komt de goederen bij hem terug.
„Op dit moment gaat werkelijk elk afzonderlijk stuk nog een keer door mijn handen, van controle op druk of borduurwerk tot het verpakken van de bestelling. Als een stuk niet aan mijn eisen voldoet, wordt het uit de rij genomen.“
Marc Bonk
Ook hier blijft hij bij wat hij kan bewijzen. Als klein label kan hij niet elke stap van een internationale toeleveringsketen persoonlijk controleren, daarom zet hij op gecertificeerde partners en werkt hij eraan transparantie en certificering verder uit te breiden. Deze eerlijkheid is in een branche waarin graag van volledige traceerbaarheid wordt gesproken, geen vanzelfsprekendheid.
Wat er volgt
Geplant zijn trainingsbroeken en ondergoed, twee productgroepen waarin de materiëleigenschappen van hennep bijzonder goed tot hun recht komen. Sinds kort staat er een industriële borduurmachine in huis, de eerste tests lopen; hiermee kunnen afwerkingen ook in kleine aantallen direct ter plekke worden gerealiseerd.
Een groeiend segment is het bedrijfsleven. Smitzbilla werkt al samen met Cannabis Social Clubs, vakwinkels en andere bedrijven en levert textiel met individuele afwerking. Bonks argument ervoor ligt voor de hand: wie in de cannabis- en hennepsector toch merchandise voor leden of klanten laat produceren, kan ook kiezen voor hennepoextiel.
Beurzen en direct contact blijven voor hem belangrijk, om een praktische reden: met henneoptextiel maakt het veel uit om de stof eens aan te raken. Velen hebben simpel een ander materiaal in hun hoofd.
Het label is te vinden in de eigen webshop op smitzbilla.de en op Instagram onder @smitzbilla, waar Bonk ook de ontwikkeling laat zien, inclusief de dingen die onderweg niet werken. Meer merken met een soortgelijke benadering hebben we in ons overzicht van duurzame hennepkleding-labels verzameld.
Hast du schon einmal Kleidung aus Hanf getragen?
Opmerking: Gegevens over materiaalsamenstelling, certificeringen en productiestappen zijn afkomstig van het label en zijn door ons niet ter plaatse geverifieerd. Uitspraken over milieueigenschappen van vezels hebben betrekking op algemene eigenschappen van de grondstof, niet op een ecobilansmeting van afzonderlijke producten.







































